Buurt op Menskracht: Duurzame Decadentie
Energieportret: Silvia Busby

Energieportret: Michael Siem

MichaelSiem met ondertitel

Zijn werkende leven vat Michael Siem (1960) als volgt samen: "Ik heb alles gedaan, van a tot z." Hoewel hij het nu naar eigen zeggen rustig aan doet, heeft hij nog altijd meerdere ijzers in het vuur, die volledig op mond-tot-mond reclame draaien. Hoewel de technische duizendpoot geen arbeidscontract heeft, zit hij allesbehalve stil. De deur van garagebox 774, naast zijn woning in een van de Gijsingsflats in Bospolder-Tussendijken, zet Michael bijna elke ochtend open naar de buurt. Mensen komen met allerlei, vaak technische, vragen langs. Bijna altijd heeft Michael wel een oplossing. Hij ziet de toekomst dan ook rooskleurig tegemoet: "Als ik de kans heb, verhuis ik in de buurt naar een grotere garage. Het mooiste lijkt het me om daar jongeren te begeleiden, naar betaald werk."

Michail Siem is met recht een selfmade man te noemen. Vanaf het moment dat hij als 9-jarig jochie vanuit Suriname in Nederland aankwam moest hij zich in een nieuwe cultuur zien te redden. Als kind was hij al geïnteresseerd in techniek. Na de middelbare school ging hij naar de LTS elektrotechniek, maar tijdens zijn opleiding moest hij al geld verdienen. "Ik ging namelijk al op mijn zestiende op mezelf wonen dus ik combineerde mijn avondopleiding met allerlei baantjes. Ik had toen ook al een kind. Ja, ik was er vroeg bij," zegt hij met een glimlach. Zijn combinatie van leren en (over)leven noemt hij de streetlife university, waarbij hij de kunst afkeek van oudere vrienden 'die zijn vader hadden kunnen zijn'.

Zijn eerste baantjes waren schoonmaken en glazenwassen, waarbij zijn baas van elke gulden die hij verdiende, zelf 30 cent opstreek. De ontevreden Michael ging naar het uitzendbureau en vroeg naar de best betaalde baan - dat was werk waarvoor hij een (dure) vervolgopleiding nodig had, zoals lassen. Dat was niet haalbaar, maar met zijn gezonde interesse in techniek zou hij het zelf wel redden, dacht hij. Nu, veertig jaar later, werkt hij niet meer voor een baas, puur uit overtuiging: "Ik wil niet ingeroosterd worden, ik wil vrij zijn."

Hij heeft een indrukwekkende set gereedschap verzameld in zijn garagebox waar hij sleutelt aan auto's, motoren en fietsen. Van wie? "Nou, iedereen uit de buurt", zegt hij, wijzend naar zijn jonge buurman, die met een gedeukte auto aan is komen rijden. Zijn reputatie houdt hij mede in stand met handige tips om geld te besparen, legt hij uit aan de hand van een butaantank, die achterin de garagebox staat: "Als je die in de speciaalzaak opnieuw laat vullen dan kost dat 35 euro. Maar als je het juiste ventiel hebt, dan kan je het zelf doen bij het pompstation, daar kost het autogas maar vier euro nogwat."

Los van zulke slimmigheden komt hij ook geregeld bij mensen thuis voor simpele klussen, als er een rolgordijn moet worden opgehangen bijvoorbeeld. Daardoor ziet hij veel ouderen die dat zelf niet meer kunnen en voor wie het inhuren van een vakman vaak te duur is. Mensen helpen zit Michael in het bloed. Naast een gezonde lichaam en geest, noemt hij sociaal contact als "de drie eenheden van het leven". Hoewel hij ook een jaartje ouder wordt - "ik heb 12 verschillende medicijnen die ik elke dag slik"- oogt hij nog zeer fit en levenslustig. Sleutelen betekent dat hij ook regelmatig op zijn rug onder een auto ligt, daarom droomt hij van een grotere garage met een brug.

In 2014 kwam Michael in de Gijsingflat wonen, nadat het uit ging met zijn toenmalige vriendin en hij op zoek moest naar een andere woning. Wat hij van de buurt vindt? "Het is de armste buurt van Nederland, zeggen ze. Mensen proberen op allerlei manieren rond te komen. Ik ken gezinnen die van gas, elektriciteit en water zijn afgesloten. Wat doe je dan? Heen en weer lopen naar de sloot om water te halen, wat moet je anders?"

Michael is bekend met de status van zijn buurt als proeftuin voor de energietransitie. Hij noemt het een vooruitgang, alleen bij oudere bewoners bespeurt hij de nodige scepsis. Die zien op tegen veranderingen, weet Michael. Zelf merkt hij er nog weinig van, behalve dat er in zijn flat momenteel nieuwe kozijnen met dubbel glas worden geplaatst. "Ja, Havensteder wil de verwarming ook gaan aanpassen, geloof ik."

Vanwege zijn functie als klusjesman is hij weinig thuis, hij is vooral in zijn garage te vinden. Daar kan hij gebruik maken van stroom die door buren gedoneerd wordt, maar hij doet zijn best om daar zuinig mee te doen. Speciaal voor het interview heeft hij een elektrisch kacheltje aangezet, "anders hadden we hier in de kou moeten zitten, dat wilde ik je niet aan doen", zegt hij breed lachend.

Als Michael niet met klusjes voor zijn buurtgenoten in de weer is, dan zorgt hij in zijn flatwoning voor zijn honden en vogels. Als hij zelf mocht kiezen waar het geld heen moet gaan, dat besteed wordt aan de energietransitie, dan zou hij in de eerste plaats inzetten op geluidsisolatie. De voornaamste reden is dat zijn buurvrouw onophoudelijk, soms meerdere keren op een dag, de politie belde omdat ze overlast had van zijn huisdieren. Het kwam bijna tot een rechtszaak, maar inmiddels is die dreiging gelukkig achter de rug. "Ik heb van alle andere buren een verklaring gekregen dat ze geen last van me hadden, daarna is de klacht ingetrokken."

Michael en zijn buurvrouw groeten elkaar sindsdien weer, al is het niet helemaal van harte. De gebrouilleerde verhouding lijkt wel de uitzondering die de regel bevestigt. Aan de hand van een ander voorbeeld legt Michael namelijk nog eens uit hoe graag hij zich inzet voor zijn buurtgenoten: een wekelijkse 'tafeltje dekje' die buurtgenoten voor maar 1,50 euro kunnen afhalen bij Michael, of bij een restaurant even verderop. "Het liefst zou ik hier een gaarkeuken beginnen. Ik hou van koken, ik maak altijd meer dan ik zelf op krijg. Zo ben ik dat van huis uit gewend."

Tekst: Teun van den Ende.
Foto: Florian Braakman.