Energieportret: Jawad Shiamizadeh
Energieportret: Hans Koedood

Energieportret: Audry Wilson

Audry-onderschrift

Audry Wilson (1971) was negentien toen ze uit Curaçao naar Rotterdam emigreerde. Ze woonde aan de Schoonderloostraat in Delfshaven, waar ze haar eerste kind kreeg. Vijftien jaar later, met het vierde (en laatste) kind op komst, verhuisde ze naar een grotere vijfkamerwoning aan de Rösener Manzstraat in Bospolder-Tussendijken. Vier jaar later werd haar eerste kleinkind geboren.

Inmiddels heeft ze ook al vier kleinkinderen, tussen 2 en 9 jaar oud. Het is een understatement om te stellen dat haar leven om haar (klein)kinderen draait. Ze doet het huishouden in haar eentje, de vader van haar kinderen is buiten beeld. Na gewerkt te hebben als verkoopster en kassière verdient ze nu haar geld met schoonmaken. Tijd voor hobbies, of überhaupt tijd voor zichzelf, heeft ze nauwelijks. Ze zoekt wel vaak vriendinnen op, of ze nodigt ze bij haar thuis uit. Soms blijft een vriendin logeren. Met het Marokkaanse gezin met wie ze haar portiek deelt, raakte ze bevriend vanaf de dag dat ze hier kwam wonen. Andere contacten met buren zijn oppervlakkig.

Audry heeft haar handen vol aan alle dagelijkse bezigheden die zich voor het overgrote deel thuis afspelen. Elke ruimte in het huis wordt benut: de (kinder-)schoenen staat netjes per paar opgesteld op de interne trap. Die zijn van haar twee jongste en nog thuiswonende kinderen (13 en 19 jaar) en van de kleinkinderen van haar oudste (24 en 29 jaar) kinderen, die vaak over de vloer komen. Op allebei de verdiepingen wordt er dan gespeeld, televisie gekeken, gekookt en gegeten.

Het huis kan wel een opknapbeurt gebruiken, vindt Audry, want haar woning heeft gebreken. Zo slaat de combiketel tijdens het douchen vaak af en komt er alleen koud water uit. Logees weten inmiddels dat de enige manier om aan een koude douche te ontkomen, is door naar beneden moeten roepen of iemand de ketel weer aan wil zetten. Niet ideaal, maar Audry haalt haar schouders op: ze heeft ermee leren leven. Wat haar wél zorgen baart, is de hardnekkige schimmel op het plafond en de wand van de badkamer. Ze heeft de woningcorporatie gevraagd er iets aan te komen doen, maar wacht al enige tijd op hulp. Om te zorgen dat de schimmel zich in de tussentijd niet verder door het huis verspreidt, gaat de deur na elke douchebeurt dicht, wat de schimmelvorming in de badkamer verergert.

Ze is niet bekend met de plannen die haar verhuurder Havensteder met haar woning heeft. Het hele bouwblok, dat deels voor, en deels na de Tweede Wereldoorlog is gebouwd, gaat van het gas af. De woningcorporatie heeft de bewoners per brief aangekondigd de verwarming en de isolatie te vervangen, al zijn de plannen nog niet definitief. Daarmee zou Audry’s energierekening - nu 145 euro per maand - flink omlaag moeten gaan. Of ze dat een hoog bedrag vindt? “Zonder de kinderen zou nog hoger zijn geweest,” meent Audry, die uitlegt dat haar kinderen het niet snel koud hebben. “En een huis vol mensen warmt sneller op dan een leeg huis, toch?”

Audry is vooralsnog niet bezig met de toekomstbestendigheid van haar woning. Of haar energie nu van zonnepanelen op het dak komt, of uit een centrale, het is haar om het even. Wat ze het liefst aan haar woning zou willen verbeteren? Ze wijst naar het vergeelde behang en de versleten vloerbedekking: “Die zou ik meteen vervangen.” Het geld dat daarvoor nodig is, heeft ze in de afgelopen veertien jaar niet weten op te brengen.

Niet alleen de woningen wacht een verduurzaming, ook in de buurt wordt geld gepompt. Audry heeft wel een suggestie waar de gemeente haar geld in zou moeten steken. “Een (speel)plek waar haar kleinkinderen met andere kinderen kunnen spelen.” Ze vindt het jammer dat in het parkje en het schoolplein vlakbij haar huis maar weinig kinderen van hun leeftijd spelen. Als gevolg daarvan spelen haar kinderen altijd binnen. Ook haar jongste dochter van 13 spreekt altijd bij vriendinnen thuis af. Dat heeft niets met een gebrek aan veiligheid in de wijk te maken: “Het is hier veiliger dan in de eerste jaren dat ik hier woonde. Vroeger waren er geregeld inbraken, bij de overburen bijvoorbeeld.”

Gelukkig maar, want Audry is voor haar dagelijkse boodschappen op de buurtwinkels aangewezen. Ze loopt het liefst, of ze pakt de fiets, openbaar vervoer vindt ze prijzig. Maar in haar buurt is gelukkig bijna alles te krijgen wat ze nodig heeft bij de Jumbo-supermarkt en de Turkse bakker. Haar kinderen zijn vooral dol op kip, die ze bij de Marokkaanse slager om de hoek haalt. Als ze iets bijzonders wil koken gaat ze naar de Kruiskade “want de slager en de vishandel hebben daar een breder assortiment.”

Audry kookt liefst stevige Antilliaanse recepten met bonen, kip of vis maar maakt net zo graag een stamppotje. Gaat dat straks ook nog net zo makkelijk als haar woning van het gas afgekoppeld is? “Het maakt me niet uit of ik op gas of elektrisch kook, zolang het maar geen hogere energierekening oplevert!” Als er in haar woning en in de buurt geïnvesteerd gaat worden, weet ze niet zo goed wat ze van de toekomst moet verwachten. Als haar vaste lasten mogen niet stijgen, het leven is al duur genoeg.

Tekst: Teun van den Ende.
Foto: Florian Braakman.