Powerbieb: Fruitmuur
Powerbieb: Mattenklopper

Powerbieb: Hijskraan op Menskracht

Energiebron: menskracht  Categorie: bouwen

Oude_19e_eeuwse_foto_met_hijskraan_in_Mechelen_aan_de_Haverwerf

Van in de Oudheid tot aan het einde van de negentiende eeuw werden hijskranen aangedreven door menselijke spierkracht. Elke hijskraan heeft een “mechanisch rendement”: de factor waarmee het geleverde vermogen van de energiebron kan worden vermenigvuldigd. Bij het bouwen van de piramides maakten de Egyptenaren gebruik van onder meer hellingen om grote blokken steen omhoog te slepen. Dat leverde hen een mechanisch rendement op van 2 op 1, want een gewicht schuin omhoog trekken kost maar half zoveel kracht als het verticaal omhoog trekken. Daar staat tegenover dat die kracht over twee keer de afstand moet worden uitgeoefend. Een beter mechanisch rendement gaat dus altijd ten koste van de hijssnelheid.

De Romeinen ontwikkelden hijskranen met katrollen, met een mechanisch rendement van ongeveer 5 op 1. De krachtigste hijskranen op spierkracht ontstonden in de middeleeuwen en waren uitgerust met tredmolens, die een mechanisch rendement hebben van 15 op 1. Bovendien introduceerden tredmolens het gebruik van de beenspieren, die krachtiger zijn dan onze armspieren. Eén persoon kon in een tredmolenkraan een gewicht optillen van ongeveer 3,5 ton. Havenkranen uit de middeleeuwen beschikten vaak over twee tredmolens, die in totaal door vier mensen konden worden bediend. Er kon dan een vracht van 14 ton worden opgetild, vergelijkbaar met het hefvermogen van een moderne bouwkraan. Bij een stapsnelheid van 5 kilometer per uur in het wiel kon een hijssnelheid van 6 meter per minuut worden bereikt.